Travel Journal

Het geluid van de stilte

(Saturday 10 September 2011) by fietsendeknarren
We zijn heel blij met alle leuke reacities op onze website. Het heeft even geduurd, maar hier het volgende verhaal.

Om 2 uur 's nachts vertrekken we naar Darwin en dat gaat niet zo soepel als we verwacht hadden.
Een of andere geblondeerde macho wilde ons nog even pesten door te zeggen, dat de fietsen beter ingepakt moesten worden.
Ze zaten in de noppenfolie met een hoes er over. Ik vroeg hem wat de bedoeling was, maar dat wist hij eigenlijk ook niet precies. Willem zegt, gewoon doorlopen!!!, maar dat werd niet in dank afgenomen. Hij ging onmiddellijk onze namen noteren. Wij raakten er in ieder geval niet van onder de indruk en liepen gewoon door. Bij de balie werden de fietsen als sport artikel gezien en moest er dus betaald worden. Nee hoor zegt Willem, het is een TRANS-PORT artikel en daarvoor hebben we extra bagage ingekocht. Daar waren ze het helemaal niet mee eens. Er was namens ons speciaal naar Jakarta gebeld, hoe het precies met de fietsen moest en volgens dit hoofdkantoor konden ze met de extra ingekochte bagage zo mee. Het was een heel gedoe, maar na lang praten gingen ze gewoon mee zonder extra verpakking en zonder bijbetalen. Om half zeven 's morgens waren we in Australie en daar ging het buitengewoon soepel. We konden zo doorlopen, want ze waren brandschoon de fietsen. Daar stonden we dan. We hadden van te voren een warm shower adres geboekt. Daar hadden we de afgelopen dagen nog naar gemaild, maar niets terug ontvangen. We hadden ook onze campingspullen naar dit adres op laten sturen. Willem belt maar eens, geen gehoor. Nog maar een keer en ja, hij was aan een fietstour bezig, maar we waren van harte welkom. We hebben eerst een tukkie gedaan op een bank in de hal van het vliegveld en zijn toen op het gemak naar Darwin gefietst en werden door Peter en Pauline allerhartelijkst ontvangen. Buitengewoon aardige mensen. We hadden gedacht 2 nachten te blijven, maar het zijn er vijf geworden. Is ook niet zo moeilijk, want we hadden een heel appartement voor onszelf. Darwin is een prettige stad, brede straten, lekker rustig en een leuk centrum.
Centrum Darwin
Centrum Darwin
We bezoeken een prachtig museum met veel kunst van de Aboriginals en de flora en fauna van noordelijk Australie. We maken nog een mooie fietstocht langs de kust. Na een behoorlijke hoeveelheid eten ingekocht te hebben vertrekken we richting Litchfield National Park en daar doen we 2 dagen over. Ik moet eerlijk zeggen, dat ik nogal zenuwachtig over het fietsen ben. Dat is niet voor niets blijkt achteraf. De eerste dag fietsen we naar Tumbling Waters, een mooie camping. We zetten de tent nog niet op; na 74 kilometer zijn we moe en nemen een huisje. Er is een optreden s 'avonds van een Franse klassieke zangeres en tot onze verbazing zit er aan de tafel naast ons een familie uit Friesland. We blijven een dag extra om de tent uit te proberen. De dag erna fietsen we het park in en moeten 30 kilometer over een dirt road.
Dirt Road
Dirt Road
Het is een verschrikking. Omdat het de droge tijd is, is het gedeeltelijk een zandpad geworden. Op die plekken moeten we lopen en onze fietsen er door heen proberen te duwen, (en de zon maar branden). Dan komen we na 60 km kapot aan bij een camping, die per fiets onbereikbaar is. We krijgen heerlijk koud water van een vriendelijke Australier en gaan verder naar de volgende camping. Helaas eerst nog een flinke klim en na nog eens 14 kilometer duikt de volgende camping op. We zijn te moe om de tent op te zetten, dus huren we er een. Volgende dag gaan we naar de Wangi Fals om lekker te zwemmen. Er is een mooi pad bij de waterval en als je dat afloopt zie je vleermuizen in de bomen hangen en behoorlijk grote spinnen.
lekker dier bij Wangi falls
lekker dier bij Wangi falls
Na de lunch vertrekken we op ons gemak. Het zou een makkelijk middagje worden. Dat viel zwaar tegen; in plaats van 24 km werden het er 38 met een paar flinke heuvels. We bezoeken onderweg nog wel een mooie waterval, die je van bovenaf kunt bekijken.
Florence Falls Litchfield Park
Florence Falls Litchfield Park
We komen vrij laat aan bij Florens Falls en gaan voor het eerst onze tent opzetten. De tent staat en daar sta je dan. We hebben nl stoelen, die je alleen in de tent kunt gebruiken of op een heel mooi grasveldje. We hebben alleen een paar rotsblokken om op te zitten. In de tent is het veel te heet. We blijven een dag om bij de waterval te zwemmen (heerlijk). Omdat onze ontbijt voorraad op is, krijgen we brood van de buurvrouw en kopen gelijk een stoel van haar; zo kan ik s'avonds zittend mijn potje koken. We gebruiken de stoel ook onderweg om tussen de middag te kunnen rusten en eten. We gaan op weg naar Katharine en ik vind het lood zwaar; de hele dag ga je heuveltje op en af; er is niets onderweg. We rijden dagen achtereen door een dor zwart geblakerde natuur door (gecontroleerde afbranding).
ons uitzicht
ons uitzicht
Het is heel monotoom en warm. Met moeite kun je een schaduw plekje vinden om te rusten; het water wat je drinkt is al gauw lauw. Het ergste is de harde wind, helaas tegen en als het eens iets minder hard waait, worden we gepest door tientalle vliegen. Die beesten houden van zweet, nou er zit genoeg op mijn gezicht, dus is het een aanhoudend gevecht met die krengen. Als het echt niet meer uit te houden is, doe ik het vliegennetje op, maar dat is nogal warm.
vliegen vliegen vliegen
vliegen vliegen vliegen
Ik zie onderweg meer dode dan levende waliby's. Dan nog de roadtrains, 3 of 4 vrachtwagens aan elkaar gekoppeld, tot 55 meter lang toe;
Road Train
Road Train
dat is heel goed opletten, omdat ze je van de weg blazen; het waait zo hard, dat we ze niet aan horen komen. Ik heb pijnlijke ogen en lippen, waarschijnlijk van de harde wind. Vind ik dit leuk fietsen? NEE! Om aan eten te komen is niet eenvoudig. Als we bij een roadhouse slapen, kun je daar meestal eten; wel ontzettend duur, alhoewel van een hamburger kun je met z'n tweeen eten, zo groot. We zitten nu in Pine Creek en blijven een dag om het spoorwegmuseum te bezoeken. Helaas gesloten wegens gebrek aan personeeel. Voordat we naar Katherine fietsen gaan we nog naar Edith Falls, een prachtige waterval, waar we een heerlijke duik nemen. Als ik hier 's avonds uit het tentje kruip om naar het toilet te gaan, staat er een walliby naast me. Bij de damestoilet zie ik een slang kruipen. Ik stapte bijna op hem en schrok me rot; van de 23 slangen die in Australie voorkomen zijn er 20 giftig, dus altijd goed uitkijken. We maken de volgende dag een mooie wandeling (klimpartij) door de schitterende natuur.
natuur bij Edith Falls
natuur bij Edith Falls
Daarna het laatste stuk naar Katherine en ik moet zeggen, dat ik het fietsen wel gehad heb in het ruige noorden. Als je fietst om het fietsen, kun je hier je hart ophalen en je prima uitleven, kilometers genoeg. Maar ik wil ook graag wat zien en dan kun je in Australie beter een auto hebben. We proberen een auto te huren in Katherine, maar het is hoogseizoen, dus alles is bezet; ook hebben ze alleen kleine wagentjes en daar gaan onze fietsen niet in. We besluiten een "Van" te huren en daarvoor moet Willem met de Greyhound bus terug naar Darwin. Het kost allemaal een hoop tijd om het te regelen en is nogal prijzig, maar we moeten wel de woestjn zien door te komen en fietsen is onmogelijk voor mij. We stappen nog 1 maal op de fiets in het ruige noorden om naar de Katherine Gorges te gaan en weer hebben we een harde wind tegen. Ik moet me aan de fiets vasthouden, anders waai ik er af. We maken een mooie boottocht en varen door twee Gorges. Wat zijn gorges? Dat zijn gedeelten van de rivier, waar je op vaart; na iedere Gorges loop je een stuk en stap je over op een volgende boot, de natuur is ongelofelijk mooi.
Katherine Gorges
Katherine Gorges
De volgende dag fietsen we terug naar Katherine met wind in de rug en oei wat gaan we snel. Dan zit het fietsen voor wat betreft het noorden erop. We hebben toch nog 700 kilometer tegen de wind en heuvels opgebokst en elke avond het kampje opgezet en 's morgens weer afgebroken. Katherine is wel drukker dan Darwin, vooral met Aboriginals, die voor de winkelcentra hangen. Het zijn onaantrekkelijke mensen om te zien met een enorme bos haar, zodat ze er vrij verwilderd uitzien. Je moet eigenlijk diep medelijden met deze mensen hebben. Ze hebben volledig hun indenditeit verloren en veel van hen verliezen zich in de drank. Luidruchtig zijn ze ook, vooral de dames willen nogal eens gillen. Ze zorgen nogal eens voor overlast. Australiers hebben er veel bewondering voor, dat we per push bike rijden (zo noemen ze onze fietsen hier); logisch met al die wind. Het is ook behoorlijk druk in het noorden van Australie; veel zuidelingen die het slechte weer in het zuiden willen vermijden en hier soms voor maanden verblijven. Ook gezinnen met kinderen. Je kunt hier nl gewoon je kinderen een tijd van school halen zonder problemen en een Australier krijgt als hij 10 jaar werkt bij een baas 3 maanden verlof. Het busje dat we gehuurd hebben doet het prima. Onze fietsen liggen languit op de bedden; op zich niet erg, want wij slapen toch in de tent. We gaan op weg naar het Kakadupark, een park van 20.000 vierkante kilometer groot en gaan de prachtige rotstekeningen van de Aboriginals bekijken.
Tekeningen in het Kakadu National Park
Tekeningen in het Kakadu National Park
Dat doen we door o.a. de beroemde Ubir Rock te bezoeken. Er is een rondgand van een kilometer lang. De oudste tekeningen worden geschat op 20.000 jaar. Je vindt er excelente voorbeelden van aborriginal tekeniingen , die ons het leven van deze mensen laat zien. Wat ze aten, hoe ze jaagden en welke dieren en gewoonten er waren. De Nourlangie Rock met tekeningen van mytische voorstellingen, die net zo oud zijn, zie je vaak in reisgidsen afgebeeld en niet onterecht, ze zijn prachtig. De natuur waar deze tekeningen zich bevinden is heel mooi. Van alle kanten hoor je de vreemste geluiden; het is net of je in de jungle loopt. Je moet je voorstellen, dit park is groter dan Nederland. We gaan ook nog een kijkje nemen bij Yellow Waters en dat lijkt wel een beetje Nederland.
Yellow Waters Kakadupark
Yellow Waters Kakadupark
Je kunt een mooie boottocht maken, maar alles is nogal prijzig, dus dat doen we niet en we maken er een wandeling. Om het park in te komen betaal je 25 dollar en dan mag je 14 dagen blijven, maar daar hebben wij geen tijd voor. Wij moeten binnen 14 dagen Adelaide zien te bereiken en we willen onderweg nog veel zien.

Na het park gaan we richting Alice Springs om daar de mooie dingen te bewonderen. We bezoeken er het museum van de flying doctors; nog steeds heel belangrijk in dit verlaten gebied. Ze zijn trouwens in heel Australie actief , elke twee minuten meldt zich een nieuwe patient , dit is voor Australiers geheel kosteloos. We gaan nog twee bijzondere plekken in de natuur bezoeken; dit zijn ravijnen; de ene heet Simpson Gap en de andere Stanley Chasm. Dit is een erg smal dal met een diepte van 85 meter, tussen 12.30 en 13.30 valt de zon er in en kleuren de wanden rood, heel bijzonder om te zien.
Standley Chasm Alice Spring
Standley Chasm Alice Spring
En dan nog het oude het telegraafstation van Alice Springs, dat bevond zich halverwege de telegraaflijn, die een sleutelrol speelde in de ontwikkeling van Australie. De opening in 1872 betekende het einde van de isolatie van de rest van de wereld. Het doorgeven van allerlei berichten was nu een kwestie van uren i.p.v. maanden via de oceaan. De telegraafbediende moest berichten ontvangen (geboortes, sterfgevallen en wereldnieuws). Hij deed dit door de morsecode te "lezen" met zijn oren en door te vertellen met zijn "vingers". Met korte of lange tikjes op de Morse toets gaf de telegraafbediende gecodeeerde boodschappen van elektronische pulsen door aan het volgende station. Tegen 1900 was dit erg geisoleerde station een thuis voor een kok, een smid, een gouvernante en vier telegraafbedienden plus de stationsverantwoordelijke en zijn familie. De stationsverantwoordelijke was een belangrijk man. Hij runde het regionale postkantoor en was tevens hoogwaardigheidsbekleder voor de overheid voor de Aboriginals in Central Australia. Als enige magistraat in Central Australia was hij tevens rechter, verkocht hij voedsel aan reizigers en trad hij zelfs op als dokter in nood, waarbij hij de instructies opvolgde, die hem per telegraaf vanuit Adelaide gestuurd werden. Als rechter behandelde hij zaken als veediefstal en mishandeling van kamelen. Het station zelf was heel eenvoudig ingericht. Alles wat er in het station aanwezig was, is per kameel aangevoerd, zo'n 500 kilometer vanuit Zuid Australie, waar de spoorlijn stopte. Paarden waren het enige vervoermiddel, dat de mensen op het station ter beschikking stond. Er werden ongeveer 60 paarden gehouden, met name voor de "lijnmannen" die de telegraaflijn onderhielden. Helaas gaat hier mijn fotostoestel kapot en moet ik een nieuwe kopen, want de volgende dag gaan we naar Ayers Rock en dat is de toeristen atractie nummer 1. Ik moet zeggen, het is heel bijzonder midden in het landschap zo'n enorme rots te zien liggen. En het bijzondere is de kleur; met het zonlicht erop is hij rood. Deze rots wordt geschat op 600 miljoen jaar oud en steekt ongeveer 350 meter boven de grond uit.
Ayers Rock  (Uluru) in de zon
Ayers Rock (Uluru) in de zon
Wij hebben bij zonsondergang staan kijken met nog een paar honderd andere toeristen en dan zie je hem langzaam lichtbruin worden. Ook de Olgas zijn de moeite waard. Dat zijn 36 kleine monolieten; volgens de Aboriginals versteende reuzen. Je kunt er een heel stuk tussendoor lopen en dan voel je je heel nietig bij zo'n enorme rots.
Olgas  Valley of the winds
Olgas Valley of the winds
Daarna is het hup naar het volgende doel de King's Canyon, dat is wel ongeveer 350 kilometer omrijden, maar we willen hem toch zien en niet voor niets, weer een prachtig natuurverschijnsel, het stikt er hier van. Het is een canyon, die ontstaan is, doordat een rivier zijn weg heeft gezocht door de rotsen. Je kunt naar boven klimmen, maar dat was te veel gevraag, wij kozen de makkelijke weg beneden langs, door de droge rivierbedding. Daarna op naar Cooper Berdy, een mijnwerkers stadje; er wordt hier sinds 1915 volop naar opaal gezocht. De mijnwerkers leefden en leven nog steeds onder erbarmelijke omstandigheden in ondergrondse huizen, die ook zijn te bezoeken.
Keuken onder de grond
Keuken onder de grond
Het is triest als je ziet hoe deze mensen wonen; dit wordt ook gedaan om de hitte en de zandstormen, die hier zijn, te ontwijken. We bezoeken een opaalmijn, heel interessant en ik verlekker me in de winkel aan alle mooie dingen van opaal, die je er kunt kopen, maar helaas te duur. Daarna moeten we verder, want we hebben geen tijd om ergens lang te blijven, de auto moet binnen 14 dagen ingeleverd worden en we hebben nog aardig wat kilometers te gaan. We rijden en rijden door een leeg landschap, soms met bomen soms alleeen struiken, als je stopt beleef je de enorme stilte, niets maar dan ook niets te horen . Als de vogels niet fluiten is het absolute stilte, het is verpletterend, wij in ons drukke landje kunnen zich dat niet voorstellen, in de outback hier is het heel gewoon. Na 14 dagen toeren en 5200 kilometer verder met de auto komen we bij Angela en Frans aan die in Victor Harbour wonen.
Huis Angela en Frans
Huis Angela en Frans
Een heerlijk huis met een prachtig uitzicht en we worden heel hartelijk ontvangen. Het weer is vreselijk koud, wind en regen. We besluiten om een auto te kopen, want in Australie fietsen is nogal afzien, lange afstanden, onbewoonde gebieden en vooral veel heuvels. We hebben inmiddels een auto met fietsrek achterop en gaan daarmee verder dat, lezen jullie in het volgende verslag.

  • Mooi land by Norma van der Kleyn
  • Spannend! by Ivon
  • Hollanders! by Vera Lems
  • Outback by Charles
  • tegen een stootje kunnen by voor en tegen wint
  • how are you going? by Angela
  • Mooi verslag by Ingrid


Home | Features | Sign Up | Contact | Privacy Policy | Terms & Conditions | © 2006 - 2017 TravelJournal.net
Note: Javascript is not active